| |
Comb Braad de Joode:
Nederlandse beste op de fond in 2001?
De naam Braad de Joode klinkt vooral Belgische lezers waarschijnlijk onbekend
in de oren maar dat heeft weinig te betekenen. Roem en naamsbekendheid
gaan
in onze sport niet altijd samen met goede duiven en topprestaties.
Het grootste onbenul op sportief gebied kan zich in het verre buitenland
onsterfelijk beroemd maken als hij de media weet te bespelen en danspasjes
maakt met wat krantenjongens en commissiejagers aldaar.
En zo kan het beuren dat, raar maar waar, buitenlanders over komen vliegen
en staan aan te schuiven om duiven van mensen hier die op sportief gebied
geen moer voorstellen onderwijl talrijke minder bekende of volslagen onbekende
liefhebbers met pure kwaliteit onder de pannen voorbij rijdend.
KANTTEKENING
Of "Nederlands beste op de fond" niet wat overtrokken is?
Ga in de streek ten noorden van Breda te rade. Men is er nog niet van
bekomen.
De uitslagen die de combinatie verleden jaar neerzette waren zo adembenemend
dat zelfs de dagbladpers er aandacht aan besteedde, iets wat vroeger normaal
was maar de dagbladpers schijnt duivensport uit het oog verloren te hebben.
Of er moet wel heel iets bijzonder gebeuren zoals afgelopen jaar in het
Brabantse Woudrichem waar twee vrij jonge liefhebbers de duivensport deden
trillen op al haar grondvesten.
Voor we er wat dieper op ingaan eerst enkele kanttekeningen.
U moet hier geen ellenlange reeksen uitslagen verwachten want dat kan
niet.
Het duo Jeroen en Cees wil niets anders dan de absolute top en beseften
dat je daarvoor keuzes moet maken. Ze gaan niet zo ver als sommige die
maar een uitdaging hebben, Barcelona, maar ze beperken zich wel. Voor
hen gelden slechts vijf vluchten op een jaar: De vijf eendaagse fondvluchten
voor oude duiven. Alles wordt er op afgestemd. Op de voorbereidende halve
fondvluchten hoeven ze er niet te staan, op de jonge duivenvluchten evenmin.
Ze willen de strijd aan op het allerhoogste niveau, de zogenaamde NPO-vluchten,
in Nederland (onterecht) ook wel eens Nationaal genoemd of "Teletekstvluchten"
omdat de uitslagen op tv komen. Op die vluchten tellen niet de regionale
uitslagen maar ze willen zich meten met de allerbeste wat Brabant 2000
en de Zuidnederlandse Bond te bieden heeft.
ADEMBENEMDE UITSLAGEN:
De eerste NPO-vlucht 2001 was er een uit Bourges, afstand 562 kilometer.
De wind stond Noord Oost, de hitte was verzengend.
De combinatie had 37 duiven in de strijd en tot opperste verbazing van
de letters hagelde het zodanig duiven dat een vitesser er zich niet voor
zou moeten schamen.
Toen de balans was opgemaakt kon de concurrentie de wonden likken en deden
de posterijen goede zaken. ? Of het waar was wat verteld werd over Braad
de Joode? telefoneerde de een de ander.
Het was waar:
Tegen 1.373 duiven werd begonnen met, schrik niet, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7,
9, 20,34, 43, 56, 71, 72, 75, 81 enzovoorts. 33 Van de 38 duiven wonnen
prijs waarvan 17 een op tien. Tegen 4.722 duiven werd begonnen met 4,
5 en 6, in het NPO-concours tegen 11.545 duiven met 16, 17 en 18. Twee
weken later volgde de tweede krachtmeting nu uit La Souterraine 671 kilometer
ver. Het weer (de wind oost) was weer gunstig voor klassenduiven in vorm.
Dat bleek wel.
Opnieuw werd een demonstratie ten beste gegeven die duivenminnend Nederland
nog zelden of nooit gezien had op de eendaagse fond. Tegen 891 duiven
werd het 1, 2, 3, 4, 9, 12, 13, 14, 22, 25, 26, 27, 32,
35 enzovoorts. Tegen 3.212 duiven werd begonnen met 1, 2, 7 en 9. In het
NPO-concours met 3 en 4 tegen 7.941 duiven. Vooral dat laatste wekte verbazing.
Zoals gezegd stond de wind oost met als gevolg dat de topduiven aan de
westkant zaten. Op twee na. Die kopvliegers van Braad De Joode dus. 17
Van de 37 duiven wonnen prijs waarvan 21 een op 10.
Limoges volgde en nu spreken we al over 719 kilometer.
Voor de afwisseling werd nu eens niet begonnen met de 1e prijs maar als
je S-Nationaal met 11 en 13 begint tegen 6.229 duiven wil dat zeggen dat
je in heel veel andere samenspelen wel 1 en 2 gehad zou hebben. Regionaal
werd het 3, 4, 12, 13, 17, 19, 20, 22, 24, 31, 34, 43 enzovoorts (30/15).
Voor de laatste fondvlucht waren de verwachtingen even gespannen als de
elastiek in het ondergoed van Pamela Anderson. Met een karrenvracht aan
poulegeld werd vol vertrouwen ingemand want de conditie leek er alleen
maar beter op te zijn geworden. De duiven braken het kot af, ze trainden
zodanig dat Jeroen en Cees met de bibber zaten dat ze zich te pletter
zouden vliegen. Het werd om onbegrijpelijk reden een deceptie. Over het
"waarom" liggen ze nog wakker.
GEEN EENDAAGSVLIEGEN
Uiteraard komen zulke prestaties niet ineens uit het niet vallen.
Tot 1997 waren ze aangesloten bij de NABvP, het grootste samenspel van
Nederland met toen 13.000 leden. In 1995 waren ze kampioen van dat samenspel.
Door een organisatorisch herindeling moesten Woudrichem en omliggende
dorpen het vanaf 1997 op nemen tegen liefhebbers uit Zuid Nederland.
Nu moet men weten dat in omliggende dorpen als Nieuwendijk en Hank nog
toppers wonnen zoals de combinatie H en O, Versteeg en Cees Hanegraaf.
Tot 1997 zaten die helemaal in de voorvlucht en daarom konden die van
de concurrentie boven de rivieren vaak brandhout maken werd beweerd. Tegenover
de fondmannen uit Zuid Nederland zouden ze in de overvlucht komen te zitten
en nu zouden die lui wel enkele flinke stappen terug moeten doen.
De boel compleet op een hoopje spelen ging in Zuid Nederland op de halve
fond inderdaad niet maar zich meten met de beste wel. En op de fond waren
Braade De Joode in hun nieuwe samenspel wel vanaf het eerste jaar de beste.
In 1999 werden ze kampioen van de ZNB, in 2001 hadden ze met hun "Olympic
Durban" een Olympiadeduif en sinds het oprichten van de Kring (ongeveer
250 leden) waren ze daar elk jaar 1e Kampioen met in 2001 zelfs de vijf
eerste Asduiven. En dan te weten dat ze niet meer konden beschikken over
hun vijf beste vogels die of verkocht waren of naar het kweekhok verhuisd.
Met echte topduiven hoef je geen enkele concurrentie te schuwen blijkt
weer maar eens. Hoe je aan die topduiven komt? Daarvoor gaan we terug
in het verleden.
HOKOPBOUW
In 1992 (beide heren vlogen nog apart) wisten ze een duivenhok te koop
in Alphen en samen besloten ze er heen te rijden. Ze zijn er nooit geraakt.
Onderweg namelijk passeerden ze het dorpje Riel. "Hier woont Wal
Zoontjens. Zullen we daar eens binnen gaan" stelde de een de ander
voor. Ze trokken de stoute schoenen aan en belden aan, onaangekondigd.
"Of Wal ze niet aan goede duiven kon helpen ?"
"Ik zal mijn best doen" zei die en ze togen huiswaarts met een
doffer van 1988 en wat eieren. Nadien zouden in Riel nog wat duiven worden
aangeschaft maar de absolute sterkweker bleek toch die eerste doffer van
1988: "De Oude Chateauroux.
Nadien werd nog een excellente Klakduif aangeschaft via dhr Baardwijk
en ook de inbreng van duiven van streekgenoten H en O bleek een schot
in de roos. H en O waren destijds schier onklopbaar, hadden voor Utrecht
zelfs twee Olympiadeduiven en die kwamen weer van van Boxmeer uit Sint
Oedenrode.
En van Boxmeer ? Die hadden hun stam opgebouwd uit duiven van wijlen Jan
Zoontjens. Dat is zo'n beetje alles.
VOORBEREIDING EN SPEL
Rond Kerstmis gaan de duiven bij elkaar, als de jongen een 16-tal dagen
oud zijn worden die gespeend en brengen de duivinnen die verder op. In
april wordt herkoppeld, na enkele dagen broeden gescheiden en om te vroege
vorm te voorkomen gaan ze maar eenmaal daags los. Pas drie weken voor
de eerste fondvlucht krijgen ze twee maal daags de vrijheid. De duivin
wordt ook pas voor het eerst getoond op de eerste fondvlucht. Omdat andere
vluchten dus van geen tel zijn.
Als de fondvluchten naderen nadert ook elk jaar de grote vorm. Behalve
het eenmaal daags vrijlaten in april en het niet tonen van de duivinnen
denken ze dat dat ook met het de locatie van de hokken te maken heeft.
Pas midden mei krijgen die zon, dus juist voordat de fondvluchten op het
menu staan. Op de afgesloten hokken (er is maar een ontluchtingsstrook
van 10 centimeter) wordt bij het leven gepoetst.
De compagnons voeren zwaar zelfs na thuiskomst van een vlucht. Anders
dan bij de meeste probeert men er dan zo veel mogelijk voor in te stoppen
door drie maal daags te voeren. Ook voor een vlucht wordt er alles aan
gedaan de stayers zoveel mogelijk reserves mee te geven. Met pinda's,
lookolie, maïs worden ze zo opgeladen dat ze bolrond worden ingemand.
Op de dag van inmanden gaan ze niet los. De conditie is dan meestal zo
enorm dat ze niet durven, bang als ze zijn dat ze uren blijven vliegen.
Zondagvoormiddag, de dag na thuiskomst, krijgen ze rond 11.00 uur een
verplicht lauw of zeg maar warm bad. Nadien worden ze opgesloten. Geen
betere recuperatie zeggen beiden. Je hoort geen duif meer, die liggen
ontspannen op hun zij. Veel zorg wordt besteed aan de weduwduivinnen.
Ruim een week voor het inmanden worden die uit de ren gehaald en afzonderlijk
opgesloten in kleine cellen.
MEDISCH
"Graan en water mannen zijn het zeker niet. Ze volgen bijna volledig
het systeem De Weerd en gaan naar dr. Marien voor mineralen en conditiepoeder.
Twijfelen ze ook maar aan een duif dan wordt die onderzocht.
Na elke fondvlucht wordt drie dagen tegen geel gekuurd. Geelpoeder zit
al in het water bij thuiskomst met glucose en citroen. Wacht je langer
dan ben je misschien te laat vrezen ze. Aangaande bijproducten wordt veel
waarde gehecht aan biergist. Die krijgen ze hopen maar niet de gebruikelijke
voor duiven, ze halen die in een reformhuis.
Ook wat betreft "koppen en luchtwegen" wordt geen risico gelopen
en bij de minste twijfel ingegrepen.
Hoe kort ze op de bal spelen blijkt uit wat verleden jaar gebeurde. In
dit blad hadden ze een reportage gelezen over dierenarts Rudi Hendrikx.
Het fascineerde beide zo dat ze naar Limburg koersten om met hem en zijn
ideeën kennis te maken.
Jeroen: "Zo zijn wij nu eenmaal. We willen het uiterste uit de duiven
halen en dan moet je bij de les zijn en nieuwe ontwikkelingen op de voet
volgen."
GEDREVEN
Uit bovenstaande heeft men misschien al op kunnen maken hoe enorm gedreven
beide heren zijn. Hun tomeloze inzet is bij het fanatische af, werkelijk
alles moet voor de duiven wijken. Je moet het maar op kunnen brengen,
52 weken op een jaar in de weer zijn voor vijf vluchten. Elke morgen om
5.00 uur uit bed voor je hobby? Wie doet dat nog?
Als de jongste van het duo (Jeroen) het ooit laat heeft gemaakt wordt
niet meer naar bed gegaan, bang als hij is 's morgens niet tijdig op het
appel te zijn.
Het verschil tussen beide voorbeurten is twaalf uur ('s morgens en 's
avonds om 6 uur) en daar wordt geen 10 minuten van afgeweken. Het kweekhok
vinden ze hun kracht. Daar moeten ze van komen en daarom durven ze een
topper al is die maar een of twee jaar oud van het vlieghok te nemen.
De smaakmakers van 2001 hebben zich op korte tijd daar weten te plaatsen
waar zo weinig plaats is: Op de allerhoogste trede van de Nederlandse
fondladder.
TOPDUIVEN
- "Olympic Durban" 95-2163183. 3e Olympiadeduif
Kaapstad Zuid Afrika. Won 43 prijzen, 21 prijzen op de fond van 24 maal
zetten.
- "Bruno" 93-1170001. Was zowel in 1995 als
in 1996 eerste Asduif op de eendaagse fond. Won Strombeek 912 d ? 1,
Montlucon 179 d ? 1, La Souterraine 223 d - 1 en La Souterraine 560
d ? 1. "Bruno" is vader van "Bora" die in 1998 1e
Gouden Crack ZNB jaarlingen was.
- "The Champ? 95-2163143. Won La Souterraine 132
d ? 1, Argenton 4.212 d ? 7, La Souterraine 2.634 d ? 10, Argenton 3.629
d ? 27, Cambrai 2.920 d ? 29.
- "The Stealth" 97-173000. Was 1e Asduif fond
Brabant 2000 maar ook 1e Asduif vitesse in hetzelfde jaar (2000). Jawel
vitesse dus, hij hoefde er niet te zijn maar wat doe je als zo?n duif
vroeg komt?
Klokken natuurlijk.
We kunnen zo nog een tijdje door gaan maar dat zou te ver voeren.
TOT SLOT
Afgelopen winter maakten Jeroen en Cees kennis met Herman van Damme (Gerry).
Die hoorde over hun prestaties. Over de 7 eerste prijzen winnen bij keihard
weer tegen meer dan 1.300 duiven.
"Dat doet er in België niet een" zei Herman onder het goedkeurend
oog van dierenarts Boddaert om er aan toe te voegen: ""Jullie
drogeren je duiven of je speelt tegen slechte.?
Waar heb ik dat meer gehoord.
Dat ze hun duiven niet drogeren weet ik zeker en dat ze tegen zoveel slechte
spelen bij concoursen die zo kort open staan lijkt uitgesloten. Trouwens,
zei men in België voor men er van verduisteren had gehoord ook niet
twijfels te hebben als Nederlanders met jongen de tien of meer eerste
prijzen wonnen? Tot mensen als Theo IJskout en consorten er in slaagden
zelfs de 20 eerste te winnen.
"Hoeveel tijdsverschil zat er tussen die duiven?" was de volgende
vraag die Herman stelde. "Drie tegelijk en dan twee minuten wachten
op de volgende serie" kreeg hij te horen. "Je hebt het toch
over die fondvlucht bij zwaar weer?" zei Herman.
Dat was zo en Herman?
Die werd stil en wist het ook niet meer. Zelfs Herman. Of all people.
Reportage De Duif 2003
door Ad Schaerlaeckens
<<
terug |